We weten meestal best wat gezond voor ons is. Toch lukt het lang niet altijd om te doen wat we ons hebben voorgenomen. We eten anders dan we wilden, bewegen minder dan gepland of vallen terug in oude gewoonten.
Dat betekent niet automatisch dat we te weinig discipline hebben.
Psychiater en hoogleraar Rogier Hoenders beschrijft mensen als gewoontedieren. Veel van ons gedrag verloopt automatisch. Zeker wanneer we moe, gespannen of druk zijn, kiezen we gemakkelijk voor wat vertrouwd is en direct iets oplevert. Bovendien leven we in een omgeving vol gemak, verleiding en snelle beloning.
Alleen weten wat gezond is, is daarom niet genoeg.
In zijn Hoe(a)nders-model voor duurzame leefstijlverandering is een belangrijke eerste stap: opmerken wat er gebeurt.
En precies daar ontstaat een mooie verbinding met ACT, mindfulness en de boeddhistische psychologie.
Eerst opmerken, dan kiezen
In de boeddhistische psychologie wordt al eeuwenlang beschreven hoe we automatisch reageren op prettige en onprettige ervaringen. We willen vasthouden aan wat prettig is en zo snel mogelijk weg van ongemak. Juist dat automatische reageren kan extra onrust en lijden veroorzaken.
Mindfulness nodigt uit om iets anders te doen: eerst aanwezig blijven bij wat er is.
ACT - Acceptance and Commitment Therapy - is niet rechtstreeks uit het boeddhisme ontstaan, maar vertoont hiermee wel duidelijke overeenkomsten. Ook ACT leert ons dat moeilijke gedachten, gevoelens en verlangens niet eerst hoeven te verdwijnen.
Je kunt ze opmerken en ruimte geven, zonder er automatisch naar te handelen.
Bij eetgedrag kan dat er bijvoorbeeld zo uitzien:
Ik voel spanning.
Ik merk dat ik zin krijg om te eten.
Mijn hoofd zegt: iets lekkers zal me nu goed doen.
In plaats van onmiddellijk te reageren, ontstaat er een kleine pauze.
Wat gebeurt er eigenlijk?
Wat heb ik nodig?
En wat wil ik nu kiezen?
Dat is ook de kern van mindful eten.
Het doel is niet om iedere eetdrang te beheersen of altijd de ‘gezondste’ keuze te maken. Het gaat erom dat er tussen impuls en reactie weer ruimte voor keuze ontstaat.
Misschien kies je bewust iets lekkers. Misschien ontdek je dat je lichamelijke honger hebt. Misschien heb je vooral behoefte aan rust, troost, contact of even naar buiten gaan.
Minder wilskracht, meer bewustzijn
Hoenders, ACT, mindfulness en mindful eten komen zo bij een vergelijkbaar uitgangspunt uit:
duurzaam veranderen vraagt niet alleen om weten en willen, maar ook om leren opmerken wat ons gedrag stuurt.
Je zou het heel eenvoudig kunnen samenvatten als:
opmerken → ruimte maken → kiezen → doen → herhalen
En soms lukt dat pas achteraf. Ook dat hoort erbij.
Je merkt bijvoorbeeld na het eten: ik at eigenlijk vooral omdat ik gespannen was. Dat is geen mislukking. Dat is bewustwording. De volgende keer merk je het misschien tijdens het eten - en weer later nét voordat je automatisch reageert. Zo groeit keuzevrijheid stap voor stap.
Niet door jezelf steeds strenger toe te spreken, maar door beter te leren luisteren naar wat er in en om je heen gebeurt.
